Generale repetitie met het Domstad Jeugdorkest ( 2017 )

Als dirigent ben ik me vooral gaan ontwikkelen sinds 2012. Ik was al een jaar eerder begonnen met hoofdvak piano, aan het Utrechts conservatorium. Rob Vermeulen, de koordirectiedocent daar, was zo gastvrij om me uit te nodigen bij de groepslessen koordirectie. Daar ben ik op ingegaan, want het zingen in een koor en koormuziek in het algemeen interesseerden me zeer. Vanaf dat moment kwamen twee zaken samen: ten eerste begon ik met meedoen in de lessen koordirectie en ten tweede werd ik aangenomen bij mijn eerste koor, in Amsterdam, in de Vredeskerk. Hierdoor kon ik meteen dat wat ik leerde in praktijk brengen.
Sindsdien kon ik me verder gaan ontwikkelen: ik werkte met verschillende koren en orkesten, soms ook als invaller. Ik heb in de loop van de jaren veel ervaring opgedaan met verschillende niveaus van musiceren, met de verschillende sociale verhoudingen binnen een groep en met de ambities en leermogelijkheden van al die groepen.

Ik probeer als dirigent een groep te laten ontwikkelen. Dat is voor mij een van de belangrijkste dingen. Soms is een groep al heel ver en kan ik me meer richten op inhoudelijke details, zelfs als dat een frasering van een enkele noot betreft. Soms is het niveau wat lager en probeer ik in het algemeen vooruitgang te boeken door bijvoorbeeld te zorgen dat de basale structuur in beeld komt. Het niveau doet er in feite niet toe: het gaat mij om de ontwikkeling en progressie die een groep doormaakt. Dat geeft mij voldoening.
Vervolgens is er nog iets in mijn houding dat niet verandert, ongeacht de groep waar ik voorsta, en dat is het enthousiasme en de motivatie die ik probeer bij iedereen probeer aan te wakkeren. Dat doe ik ten eerste door een positieve en open houding te hebben naar de muzikanten en zangers, en een actieve uitstraling.
Wat mij daarnaast typeert is dat ik de lat hoog leg. Het liefst leg ik de lat net iets boven de comfort-zone, net iets boven wat het gemiddelde van die groep aankan. Zo haal ik de maximale vooruitgang bij iedereen en zorg ik er tegelijkertijd voor dat ik de groep niet overvraag. Ik repeteer wat nodig is en zorg dat de groep als geheel vooruitgaat. Misschien lijkt het overbodig om dat op deze manier uit te spreken, maar voor mij schuilt daarin de essentie van mijn directie.
Daarnaast probeer ik in mijn repeteerstijl maximale efficiëntie te halen. Dat doe ik onder andere door vrij snel te werken. Naast het hoge tempo dat ik op peil probeer te houden, zorg ik er ook voor dat de ‘flow’ erin blijft. Doorwerken, dat iedereen er met zijn aandacht bijblijft – zo blijft het voor iedereen interessant. Heel veel tijd voor anekdotes en praatjes neem ik liever niet, dat mag tijdens de pauze. Ik werk graag op de inhoud. Soms moeten de juiste noten worden ingestudeerd, maar het liefst heb ik dat die al gekend zijn voordat de repetitie begint, zodat ik kan ingaan op tempi, dynamiek, fraseringen, interpretaties, expressie, al dat soort zaken.

Al deze dingen in combinatie met een vrolijke en positieve houding maken wat mij betreft mijn ideale repetitie.

 

Ik ben de vaste dirigent bij de volgende koren:

Het Baarns Mannenkoor
Multiple Voices
Vredeskerkkoor
Ekklesia Amsterdam
Projectkoor Almere ( Stichting Col Canto )

Ik ben de vaste dirigent van de volgende orkesten:

En Suite

 

Hieronder ziet u enkele video’s van mijn dirigeren.

Play
Play
previous arrow
next arrow
previous arrownext arrow
Slider